We meten de lichtopbrengst van projectoren al jaren door wit te meten. Dat vertelt helaas niet het hele verhaal. DLP-projectoren hebben het lastiger in heldere ruimtes dan LCD-projectoren. Waarom?

Wie in de winkel een LCD-projector en DLP-projector naast elkaar ziet staan met elk 2.000 ANSI-lumen lichtopbrengst is waarschijnlijk geneigd om te denken dat de prestaties ongeveer gelijk zijn. Dat is helaas niet het geval. Wanneer de projectoren in een een omgeving met wat licht gebruikt worden en je dus de maximale helderheid van de projector verlangt, hebben single chip DLP-projectoren het aanzienlijk moeilijker om mooie kleuren op het scherm te zetten.

Epson nodigde ons een dagje uit in Parijs om de verschillen in een testopstelling te bekijken. En die waren op z'n minst gezegd opvallend. Vier projectoren stonden naast elkaar opgesteld in een blinde test zodat we geen merken konden herkennen. Op een wit beeld was duidelijk te merken dat de helderheid van alle vier de projectoren ongeveer gelijk was. Zodra we echter gekleurde beelden te zien kregen waren de verschillen dramatisch.

Een nieuwe specificatie: WLO vs CLO.
De lichtopbrengst specificatie bij alle projectoren is gebaseerd op wit licht. Het specificeert hoeveel lumen wit licht de projector kan genereren. Deze specificatie vind je in de lijsten terug onder de benaming Helderheid of Lichtopbrengst, uitgedrukt in ANSI-lumen. We noemen het ook WLO (White Light Output). Ze zegt niets over hoeveel lumen rood licht of groen of blauw de projector kan genereren.

Om de maximale kleur-output van een projector te meten, meet men de lichtopbrengst van maximaal rood, groen en blauw individueel en telt die dan op. Wit licht wordt immers gemaakt door rood, groen en blauw samen te projecteren. Die som noemen we dan CLO (Color Light Output). In theorie moeten die twee gelijk zijn. Maar dat is helaas niet altijd zo. Bij sommige projectoren is de CLO aanzienlijk lager dan de WLO.