Vijfentwintig jaar voor hij in debiele kinderkomedies begon op te draven, én een tiental jaar voordat homies als Snoop Dogg de straatcultuur van Afro-Amerikanen in klinkende munt begonnen om te zetten, werd jongeling Eddie Murphy ineens een klein icoon van culturele ontvoogding voor de zwarte gemeenschap. En tegelijk een baarlijke duivel voor de (blanke én zwarte) goegemeente.

We schrijven dan ook 1982, in tijden toen een fuck in Hollywooddialogen nog eerder uitzondering dan regel was. Laat staan een motherfucka, of alle andere vuilbekkerij die Murphy in deze actiefilm van zijn tong laat rollen.

De toen 21-jarige Saturday Night Live-komediant kwam meteen tussen goed volk terecht in zijn debuutfilm 48 Hours: de regie was van Walter Hill, die van hardgekookte actiepret en grootstedelijk naturalisme (zie ook The Warriors en Streets of Fire) zijn handelsmerk maakte, en Murphy mocht als bajesklant Reggie Hammond naast karakterkop Nick Nolte spelen. Diens personage, de New Yorkse flik Jack Cates, moet de jonge boef op sleeptouw nemen om een moordenaar te klissen.

De shootouts gaan er vlotjes in, maar het echte vuurwerk genstert uit de dialogen tussen de twee hoofdpersonages.

Vrijdag 27 mei, VT4, 22u55