DE AFSNIJFREQUENTIE
Goed, het is intussen duidelijk dat een subwoofer heel wat te bieden heeft. Maar welke frequenties moeten dan door de luidsprekers worden weergegeven en welke door de subwoofer? Dit hangt in eerste instantie af van het frequentiebereik van de verschillende luidsprekers in je set.

Stel dat je vijf luidsprekers – dus de linker- en rechterluidspreker, de center-luidspreker en de twee surrounds – een opgegeven frequentiebereik hebben dat onderaan doorloopt tot 60 Hz. Dan moet je er eerst en vooral van uitgaan dat de specificaties volledig juist zijn, en beseffen dat dit cijfer niet alles zegt.

Een frequentiebereik dat doorloopt tot 60 Hz wil gewoonlijk zeggen dat zo’n luidspreker nog nét – met de grootste moeite – een toon van 60 Hz kan weergeven, maar die toon wordt dan wel veel stiller weergegeven dan de rest van het frequentiespectrum (de zogenaamde dB-afval, meestal aangegeven bij het frequentiebereik als bijvoorbeeld -6 dB). Om maar te zeggen dat het geen goed idee is om een luidspreker te gebruiken tot zijn uiterste frequentiebereik.

Als je subwoofer een frequentiebereik heeft van pakweg 35 tot 200 Hz, dan kan je er bijvoorbeeld voor kiezen om de afsnijfrequentie voor de weergave van lage tonen in te stellen op pakweg 80 Hz.

Dat betekent dat alle geluiden die zich boven de 80 Hz bevinden in een Dolby Digital 5.1-situatie gewoon in de linker-, rechter-, center- en surround-geluidskanalen aanwezig blijven. Alle frequenties onder de 80 Hz worden echter weggefilterd uit de verschillende geluidskanalen en worden samen met het LFE-kanaal doorgesluisd naar de subwoofer.

Het LFE-kanaal zou bij een av-receiver immers geen informatie mogen bevatten van meer dan 80 Hz, al gebeurt dat in de praktijk wel eens een enkele keer. In een av-receiver hoort immers een high pass-filter te zitten. Door de naam letterlijk te vertalen wordt duidelijk wat zo’n filter doet: hij laat het hoog passeren en houdt het laag tegen. Met andere woorden: de instelling van deze filter bepaalt de gebruikte afsnijfrequentie.

LARGE, SMALL, NONE
Idealiter zou je de afsnijfrequentie apart moeten kunnen instellen voor elke luidspreker, en dat in stapjes van 10 Hz, maar in veel av-receivers worden de zaken een stuk eenvoudiger aangepakt. In plaats van de gebruiker ‘lastig te vallen’ met een filter die moet worden ingesteld op een bepaalde frequentiewaarde, kiest men droogweg voor de termen ‘Large’, ‘Small’ en ‘None’.

Daarbij betekent ‘Large’ dat de luidspreker in kwestie groot is – vaak krijg je er een afbeelding van een vloerstaander bij te zien – waarbij wordt verondersteld dat een grote luidspreker de volledige laagweergave zal kunnen bolwerken.

gerelateerde items