Mp3 klinkt iedereen bekend in de oren, maar wanneer we het over andere muziekbestanden hebben, kijken heel wat mensen nog steeds verbaasd op. Tijd om daar verandering in te brengen!

Klankmatig is er helemaal niets verkeerd met muziek op cd’s en vinyl – integendeel – maar zo’n muziekcollectie eist wel heel wat opbergruimte op. Daarnaast is het ook niet evident om tussen honderden cd’tjes of elpees net dat ene nummer terug te vinden waarbij je graag even wil wegdromen.

Herken je de problematiek of ben je gewoon uit op meer gebruiksgemak, dan kom je al snel terecht bij het digitaliseren van je collectie. Met andere woorden: zet alle songs om in computerbestanden die eenvoudig via een pc, mp3-speler of audioserver afgespeeld kunnen worden.

De belangrijkste voordelen? Al je muziek staat op een compacte harde schijf die amper plaats opeist, de collectie laat zich vliegensvlug doorzoeken met trefwoorden en je muziek is ook beschikbaar voor mobiel gebruik op een draagbare speler. Een aantrekkelijk vooruitzicht, maar wat komt er allemaal bij kijken?

AUDIOCODECS? WAAR GAAT HET OVER?
Muzieksignalen zoals onze oren die waarnemen zijn analoge signalen. Wat op onze computers opgeslagen wordt zijn digitale signalen, een reeks van enen en nullen die aan een welbepaald ritme moet gelezen worden. In een eerste stap moet de originele, analoge muziekgolf dus gedigitaliseerd worden.

Eens dat gebeurd is, kunnen we er allerlei compressie-algoritmes op loslaten zodat het bestand minder opslagruimte vraagt van onze harde schijf. De software die zorgt voor het comprimeren en – wanneer we het bestand willen afspelen – het decomprimeren, noemen we de audiocodec.

We kunnen deze codecs opdelen in twee belangrijke categorieën: de lossless codecs die muziek comprimeren zonder informatie weg te werpen, en de lossy codecs die wel informatie wegwerpen om tot een compact bestand te komen.

Over het algemeen is de compressiefactor van een ‘lossy’ codec groter dan die van een ‘lossless’ codec. Anderszijds verliest het geluid aan detail wanneer je het comprimeert met een ‘lossy’ codec. Het komt er dus op aan de juiste balans te vinden tussen audiokwaliteit en compressie.

ONGECOMPRIMEERDE FORMATEN
Wanneer je een cd ript, eindig je in de eerste plaats met ongecomprimeerde audiodata. Die worden meestal opgeslagen in wav- (pc) of AIFF-formaat (Mac), geen codecs maar zogenaamde containers. Ze kunnen beide ongecomprimeerde PCM-audiodata bevatten (Pulse Code Modulation, het audioformaat op cd’s).

Zowat elk afspeeltoestel dat met digitale muziekbestanden raad weet, zal deze wav- en AIFF-bestanden gewoon kunnen afspelen. Aan deze formaten zijn echter ook twee grote nadelen verbonden. Ze nemen veel opslagruimte in, en je kan ze niet op een voor de consument gestandaardiseerde manier taggen.

Daardoor zijn ze niet aantrekkelijk voor de gewone gebruiker, aangezien het gebruiksgemak eronder lijdt. We vermelden deze formaten hier dan ook enkel voor de volledigheid.