Bret Easton Ellis’ roman over het einde van de jaren ’80 was eigenlijk een loeiende aanklacht tegen het cynisme en casinokapitalisme uit die tijd, maar zo werd het althans op dat moment niet begrepen: alle aandacht ging naar de gruwelijke moorden die de schrijver zijn hoofdpersonage, de jonge investeringsbankier/seriemoordenaar Patrick Bateman, doet plegen.

Maar eigenlijk was het hele boek dus een allegorie op de jaren ’80 van Reagan en Thatcher, waarin mensenlevens ondergeschikt zijn voor het grote geld. Pas jaren later werd het boek erkend als een literair meesterwerk, dat als geen andere de zeitgeist van de late eighties wist te vatten.

En ongeveer tien jaar later slaagde regisseuse Mary Harron erin om dat onverfilmbaar geachte boek op een zelfs erg smaakvolle manier om te zetten naar pellicule. Wellicht had een mannelijke regisseur het minder goed aangepakt: die zou ten eerste voor de grand guignol uit het boek zijn gegaan (Harron hield zich in), en zou de misogyne connotatie van het boek (een die overigens niet klopt: Ellis liet zijn Bateman exact evenveel mannen als vrouwen vermoorden) alleen maar hebben onderstreept.

Harron had ook chance met haar hoofdacteur: Christian Bale - ooit nog dat lieve jongetje in Spielbergs Empire of the Sun, en nu vooral bekend als Batman - steekt een afgemeten en ijzige intensiteit in zijn rol, en draagt daarmee quasi de hele film op zijn schouders.

Vrijdag 17 augustus op 2BE om 23u20