De levensmozaïek, waarin verschillende ogenschijnlijk losstaande persoonlijke plotlijnen ineens op een vreemde manier bij elkaar komen, is een genre waaraan niet zo veel cineasten zich wagen. Maar degenen die wél die drempel overdurfden (zie Grand Canyon van Lawrence Kasdan, Short Cuts van Robert Altman en Magnolia van Paul Thomas Anderson) maakten er meteen een onvergetelijke prent van.

In 2005 mocht scenarist-regisseur Paul Haggis zijn naam aan die hall of fame toevoegen met deze Crash. Hij deed ook iets anders met dit epische levenstableau dan zijn voorgangers.

Waar de zonet genoemde voorbeelden het vooral in een humanistische grondtoon zochten, laat Haggis de verschillende slices of life die hij serveert sudderen in een bikkelhard naturalisme, zodat hij met onze aangekoekte raciale en sociale vooroordelen kan spelen. Want Crash houdt geen simpele score bij over de winnaars en slachtoffers van de westerse, multiculturele maatschappij.

Zie bijvoorbeeld de blanke flik (Matt Dillon in een glansrol) die het in een hogere sociale klasse verkerende Afro-Amerikaanse echtpaar een bolwassing van jewelste geeft, gewoon omdat het sociale plaatje niet klopt met hetgene wat hij in zijn hoofd ziet, maar ook de zwarte flik (Don Cheadle), die een affaire heeft met zijn Zuid-Amerikaanse collega (Jennifer Esposito), en maar niet kan onthouden uit welk land ze precies komt.

De personages in de film debiteren messcherpe dialogen, zonder dat je het gevoel krijgt dat verschillende scenariodokters eraan hebben zitten schaven: de taal is een rauw, in-your-face grootstadsidioom, en wàt ze zeggen is meestal onverbloemd en hondsbrutaal.

Het was de grote verdienste van Haggis, die zich al liet opmerken met het script van meervoudig Oscarwinnaar Million Dollar Baby en de twee recentste Bondfilms (die met Daniel Craig dus), en met deze film zijn doorbraak als cineast mocht vieren. Drie jaar later deed hij die klus nog eens over met het magistrale antioorlogspamflet In the Valley of Elah.

Dinsdag 19 juli, 2BE, 22u35