In november komt Kinect voor Microsofts Xbox360 op de markt, een radicale spelbesturing die het concept van een fysieke controller overboord gooit. De Kinect-camera ziet je lichaam en vertaalt elke beweging in een actie voor het spel. Dat oogt mooi op papier, maar hoe werkt het in de praktijk? We gaan het na in een preview.


Microsoft organiseerde op 26 en 27 augustus een playdate, waarbij we de kans kregen om Kinect in de praktijk te ervaren bij een hand-on introductie. De speeltijd bleef beperkt, maar de tijd die we met Kinect doorbrachten geeft een goede kijk op de mogelijkheden van Microsofts nieuwste geesteskind.

Gewenningsperiode
Zoals bij elk nieuw type controller, vraagt de eerste kennismaking toch enige aanpassing. Dat gaat zeker op voor Kinect, aangezien je geen fysieke controller meer vasthoudt.

We gaan eerst aan de slag met Kinect Joy Ride, een racegame. Aanvankelijk voelen we wat schroom om te doen alsof we een stuur vasthouden en ‘vroem-vroem’ gebaren te maken, of scherp links of rechts te buigen in de hoop de wagen aan het driften te krijgen. Maar al snel maakt die schroom plaats voor plezier en laten we ons gaan. Inschatten of je de juiste bewegingen maakt is echter niet zo eenvoudig: alleen de beelden op het scherm geven feedback over je handelingen.

In Kinectimals kan je spelen met een huisdiertje: je kan het dier aaien, trukjes aanleren of het door een hindernissenparcours loodsen. Terwijl we een aandoenlijke cheetah aaien komt een eerste beperking van Kinect aan het licht: de Kinect-camera ziet enkel je pols, niet de volledige positie van je hand. Het onderscheid tussen je handpalm naar boven of naar onder houden is dus onbestaand.