Microsoft koopt de telefoonafdeling van Nokia, maar niet de merknaam. Bijgevolg zullen er vanaf binnenkort geen Nokia-smartphones meer in de winkels liggen, maar wel Windows Phone-toestellen die rechtstreeks door Microsoft ontwikkeld werd.

De overname van het grootste deel van Nokia is een enorme deal. Microsoft betaalt ongeveer 5,44 miljard euro aan overnamekosten en licentiegelden voor patenten van Nokia. Het Finse bedrijf heeft als pionier van de gsm-industrie heel wat interessante uitvindingen en technologieën uit z'n mouw geschuwd.

In ruil gaan 32.000 werknemers van Nokia naar Microsoft. Hierbij ook de baas van Nokia, Stephen Elop. Hij keert daarmee naar een vertrouwde omgeving, want Elop was jarenlang bij Microsoft de baas van de Office-afdeling. Door zijn terugkeer wordt de topman meteen de gedoodverfde opvolger van Microsoft CEO Steve Ballmer, die volgende jaar op pensioen gaat.

Microsoft doet niet geheimzinnig over zijn motieven om Nokia over te nemen: het wil Apple en Google beter concurreren. Zeker die eerste heeft met de iPhone en iPad aangetoond dat als je tegelijkertijd de software en hardware ontwikkeld, je veel betere apparaten kan bouwen. 

Nokia is dan een logische keuze om knowhow en productiecapaciteit in huis te halen. De Finnen zijn niet meer de giganten van de telefoonmarkt, maar zijn wel de grootste fabrikant van Windows Phone-telefoons. Al betekent dat niet zoveel, daar Windows Phone een veel kleiner marktaandeel heeft iOS en Android.

Voor het overnamebedrag krijgt Microsoft ook de Here-kaartendienst in handen, waarmee het de strijd aankan met Google Maps en Apples alternatief.