We mogen gerust over een stevige opmars van de soundbar spreken. Als je kijkt naar de verkoopcijfers van het afgelopen jaar, dan zit quasi elk audioproduct in een duikvlucht. Het is – after all – crisis en dan beginnen mensen extra op hun centen te letten. De grote uitzondering zijn echter soundbars, die meer en meer verkocht worden. (En hoofdtelefoons, maar dat is een ander verhaal...)

Cijfers vertellen natuurlijk enkel wat er gebeurt, niet waarom. Maar als we rondhoren bij lezers, winkeliers en fabrikanten, horen we vooral één oorzaak: de geluidskwaliteit van platte tv’s is maar heel bescheiden.

Bij de gemiddelde tv is design een belangrijk verkoopsargument, en dat betekent toch meestal ‘zo dun mogelijk’. Dat oogt mooi, en als je opteert voor muurmontage al helemaal.

De keerzijde is wel dat er op audiovlak compromissen worden gemaakt. Eigenlijk is het gewoon fysica: heb je enkel plaats voor kleine drivers en een klein kastvolume als ‘ademruimte’ voor die luidsprekers, dan wordt het frequentiebereik beperkter en loert vervorming bij hogere volumes om de hoek.

Moderne tv’s doen hun best door het geluid te normaliseren, maar uiteindelijk zal je bij het bekijken van een stevige actiefilm weinig merken van al die mooie geluidsefecten. Wellicht moet je ook regelmatig spelen met het volume om dialogen iets of wat verstaanbaar te maken, naargelang het een stille of luide scène betreft. Een surroundgevoel mag je uiteraard al helemaal vergeten. 

(Zoek je reviews van soundbars, klik dan hier)