De voortwoedende patentoorlogen krijgen een Nederlands tintje. Streamingdienst Spotify wordt voor het Amerikaanse gerecht gesleept door Nonend Patents uit Bilthoven.

In een persverklaring (PDF) claimt het Nederlandse bedrijf, naar eigen zeggen een ‘innovator op het gebied van P2P- en streaming-technologie’, dat Spotify inbreuk op vijf afzonderlijke patenten, die tussen 2000 en 2001 in de Verenigde Staten werden vastgelegd. Het klaagt het Zweedse bedrijf daarom aan in Delaware, de staat waar zijn patenten zijn geregistreerd.

Nonend zegt dat het specifiek zijn pijlen richt op Spotify, omdat diens technologie wezenlijk verschilt van bedrijven als Last.fm of Deezer. Omdat muziek niet alleen wordt gestreamd vanaf Spotify’s servers, maar ook via de computers van zijn gebruikers wordt gedistribueerd, is de kwaliteit van de geleverde diensten aanzienlijk beter en zorgt voor minder belasting van de eigen servers.

Tegen TechCrunch zegt Richard C. Valesquez, de advocaat die Nonend vertegenwoordigt, dat het bedrijf bereid is om zijn patenten te licentiëren. De Nederlandse onderneming lijkt zelf geen producten te hebben uitgebracht met zijn vondsten, omdat het “niet de intentie had om een online streaming radiodienst te worden.”

Streaming levert op
Nu streamingdiensten als Spotify steeds winstgevender worden, ligt het voor de hand dat zij de aandacht trekken van patentbedrijven die een graantje willen meepikken. Uit recent onderzoek van het Britse Strategy Analytics, zo meldt de BBC, stegen de globale inkomsten voor streaming muziekdiensten in 2012 met veertig procent.

Qua groei schieten diensten als Spotify daarmee digitale downloads voortvarend voorbij. In het afgelopen jaar was de groei van aankopen via iTunes en Amazon ‘slechts’ 8,5 procent hoger dan het voorgaande jaar. Uit het onderzoek blijkt tenslotte dat nog altijd 61 procent van de wereldwijde muziekverkoop uit fysieke producten bestaat (cd, vinyl).