Deze vaak uitgestelde opvolger voor het in 2006 warm ontvangen Duke Nukem 3D liet vijftien jaar op zich wachten. Niemand geloofde er nog in en Duke Nukem Forever werd smalend herdoopt in Duke Nukem Whenever, daarna If Ever en uiteindelijk What Ever.


Nu is de game er dan en hoewel ze zichzelf niet al te ernstig neemt en zelfs niet te beroerd is om ook dat uitstel met de nodige zelfspot op de korrel te nemen, overstijgt de gameplay zelden die van een middelmatige shooter.

Je speelt als de Duke, een arrogante parodie op de actiefilmhelden uit de jaren tachtig die ooit de wereld redde van een buitenaardse invasie. Hij mag dat hier nog eens dunnetjes overdoen.

Dunnetjes is het sleutelwoord, want tijdens de betere momenten krijg je een vermakelijke shooter die voor genreliefhebbers van een zekere leeftijd nog een zekere nostalgiewaarde scoort.

Puberale humor
In combinatie met de puberale onderbroekenhumor die vooral uit seks, uitwerpselen en politiek weinig correcte uitspraken is opgetrokken, zal de game je af en toe tot een flauwe glimlach verleiden.

Af en toe, want in vergelijking met het gros van de concurrenten halen de routineuze shootermechanismen slechts zelden een voldoende en wordt het tempo vaker onderuitgehaald dan verfrist door nodeloze omgevingspuzzels en platformgehop.

Er komt ongetwijfeld een game die deze franchise naar de huidige generatie schopt. Tot het zover is, moet je het met dit goedbedoelde zoethoudertje stellen dat een absolute topper zou zijn geweest… in 1998.

We hebben veel te lang moeten wachten op Duke Nukem Forever. Het resultaat is een langdradige, gedateerde, saaie en niet (zo) grappige first-person shooter.