De manier waarop je luidsprekers opstelt heeft een grote invloed op de geluidskwaliteit. Deze zeven tips zetten je op de goede weg.




1. Optimaal stereobeeld

Hoe verder je twee luidsprekers uit elkaar zet, hoe breder het stereo-effect wordt. Maar overdrijf niet: als ze te ver uit elkaar staan, dan valt er een ‘gat’ in het midden - de weergave wordt dan minder coherent. Plaats de luidsprekers zo’n 300 centimeter uit elkaar voor het beste resultaat. Die afstand is de gulden middenweg, maar een vaste regel is het echter niet. Sommige luidsprekers presteren immers beter op een onderlinge afstand van 250 centimeter, andere op 400 centimeter. De aanbevelingen van de fabrikant in de handleiding van je speakers zijn een goed vertrekpunt.
 


2. Driehoeksverhouding

Probeer je luidsprekers zo te plaatsen dat je luisterpositie zich in de punt van een denkbeeldige driehoek bevindt. Zoals we eerder vermeldden, is de basis van die driehoek bij benadering 300 centimeter breed. De afstand van de basis tot de punt moet gelijk zijn aan de breedte van de basis, of maximaal 20 procent groter.
 


3. Meer of minder bas?

Je kan de laagweergave sterk beïnvloeden door je luidsprekers dichter of verder van de zij- en achtermuren te plaatsen. Hoe dichter ze bij de mu(u)r(en) staan, hoe sterker de laagweergave zich manifesteert.
 

4. Draaien en keren
Als je de luidsprekers meer naar binnen draait (toe-in) – naar de luisterpositie toe dus – krijg je meer midden- en hoge tonen te horen dan wanneer je ze recht naar voren opstelt. Ook zal de invloed van de zijwanden verminderen. Experimenteren en opstellen naar eigen voorkeur is de boodschap.