Geert Fauvart

Praktijk

Met een impedantie van 300 Ohm en een efficiëntie van 102 dB is de HD800 niet meteen de makkelijkst aan te sturen hoofdtelefoon. Onze Sugden en Lehmann Audio draaien er hun hand niet voor om, maar moeten duidelijk meer werk verzetten dan bij de Grado’s en Ultrasone.

Zodra we muziek door de Sennheiser sturen, heeft de transparante, opvallend ruimtelijke weergave ons meteen weer in haar greep. Zelfs in dit exclusieve kransje springt de HD800 er echt tussenuit op dat vlak.

Ronduit uniek is dat hij niet alleen een soundstage neerzet waarnaast de Champs Elysee een smal steegje lijkt, maar dat er ook sprake is van een echt gevoel van diepte bij goed geproduceerde live-opnames. We luisteren naar een hi-res versie van ‘Chi Guardi’ uit La Bohème onder leiding van Bertrand de Billy, sluiten onze ogen, en krijgen een perfect beeld van de plaatsing van alle stemmen en instrumenten.

Dichter bij een eigen zetel in je favoriete concertzaal kom je niet met een hoofdtelefoon. Met de cd One Night of Salsa (Celia Cruz & Friends) in de cd-lade worden we niet alleen ondergedompeld in de muziek, maar spreekt ook de atmosfeer van deze opname een aardig woordje mee, net zoals het hoort.

De keerzijde van zoveel ruimtelijkheid is dat stemmen wat minder op de voorgrond staan, wat voor een minder directe luisterervaring zorgt – haast atypisch voor een hoofdtelefoon. De Sennheiser stelt de muziek ook niet mooier voor dan de opname (of bron) dicteert, met een vlak frequentieverloop en hoogstaande detailweergave.

De HD800 kan haast dienst doen als stethoscoop om de gezondheid van de weergaveketen te controleren. Schort er iets, dan laat zich dat dus meteen horen. Die openheid kan voor magie zorgen als alles goed zit. De manier waarop we Villazon, Daniel en Netrebko ‘O soave fanciulla’ horen brengen bezorgt ons letterlijk kippenvel.

gerelateerde items